Skip to main content

Actueel

Een succesvolle NGF-aanvraag (deel 3): de verschillende routes

Het Nationaal Groeifonds is een veelbesproken onderwerp bij ERAC. Wat zijn de stappen en overwegingen tijdens zo’n aanvraagtraject? Bestaat er zoiets als een succesformule? ERAC-collega’s Celine en Anne waren bereid om deze vragen te beantwoorden. In deel 3 leggen ze uit wat de verschillen zijn tussen de subsidieroute en departementale route. Ook vertellen ze over wat te doen als de aanvraag toch niet wordt gehonoreerd.

Tot nu toe hebben we het gehad over de succesformule en de factoren waar je in ieder geval rekening mee moet houden om goed te scoren. In deel 1 bespraken we de juiste timing en het bouwen van een consortium. En in deel 2 legden we uit waarom het aantonen van de economische meerwaarde zo belangrijk is. In dit laatste deel behandelen we de subsidieroute en de departementale route. Tot slot gaan we in op mogelijkheden voor financiering indien er geen NGF financiering wordt toegekend.

Hoe is de toekenning voor financiering uit het Nationaal Groeifonds geregeld?
Anne: “De ministeries van Economische Zaken, Klimaat en Financiën beheren gezamenlijk het fonds. Dat doen ze namens het kabinet. Er is een onafhankelijke commissie die de projecten beoordeelt en adviezen geeft. Het kabinet besluit uiteindelijk of aan projecten geld wordt toegekend. Beide terreinen waarvoor voorstellen kunnen worden ontwikkeld (Kennisontwikkeling en Onderzoek, Ontwikkeling en Innovatie), kennen zowel een subsidieroute als een departementale route. Voor de subsidieroute is de subsidieregeling Nationaal Groeifonds opgezet. Dit is een tender waarvoor samenwerkende partners voorstellen kunnen indienen. Bij de departementale route is er geen subsidieregeling. Bij de departementale route zijn de departementen in de lead en dienen zij samen met hun partners een voorstel in.”

Wat kenmerkt de subsidieroute?

Celine: “De subsidieroute vraagt om veel concreetheid in de aanvraag. Dat betekent dat je echt een gigantisch project moet optuigen, wat lastig kan zijn voor een zesjarig Research & Development project met veel onzekerheden. Zo moet de hele begroting, die honderden miljoenen euro’s groot kan zijn, in detail zijn uitgewerkt en moeten alle partners bekend zijn.”

Anne: “Een programma ontwikkelen in plaats van een project, zou de perfecte oplossing zijn. Je hoeft dan minder specifiek te zijn over wat je gaat doen. Men kijkt bij de beoordeling vooral naar wat je wilt bereiken met het consortium. Wat de route is daarnaartoe en welke elementen erin moeten terugkomen? Het antwoord op die vragen hoef je bij een programma op dag één nog niet per se te hebben. In zo’n opzet kan de start van het programma in detail uitgewerkt zijn en de rest van het programma worden gevormd nadat de eerste resultaten zijn behaald. Bij de subsidieroute is dit echter niet mogelijk.”

Wat kenmerkt de departementale route?
Celine: “Bij de departementale route kan wel een programma worden ontwikkeld. Binnen zo’n programma kan worden gewerkt met open calls. Dit zijn subsidieregelingen die binnen het programma worden uitgevoerd met subdoelen die bijdragen aan de doelstellingen van het programma. Hierop kunnen partijen zich inschrijven. Zo kan het consortium gedurende de looptijd worden uitgebreid en is er flexibiliteit.”

Anne: “De mate waarin een NGF aanvraag in detail kan worden uitgewerkt, is dus bepalend voor welke route het beste past bij het project dat je voor ogen hebt.”

Ben je vrij om te kiezen voor een van de routes?
Anne: “De departementale route kan niet zonder meer worden gekozen. Deze route vereist dat de aanvraag wordt ondersteund door een van de departementen.”

Celine: “Bij de departementale route krijgt het consortium inhoudelijk begeleiding van het ministerie. Dat is een voordeel. Anderzijds kan het ook de flexibiliteit om een eigen pad te kiezen beperken, die is er meer bij de subsidieroute.”

Zijn er nog meer verschillen tussen de routes?
Anne: “Het aantal bijlagen dat is vereist, verschilt flink. Bij de subsidieroute wordt voor elke partner onder andere een machtiging penvoeder, jaarrekening en letter of commitment gevraagd. Zeker bij een groot consortium kost dat de nodige voorbereidingstijd. Voor de departementale route wordt per partner alleen een letter of commitment gevraagd.”

Celine: “Daarmee is niet gezegd dat de subsidieroute meer tijd kost dan de departementale route. Bij de departementale route komt na de goedkeuring door de commissie nog een extra stap kijken. Op basis van het advies van de NGF commissie besluit het kabinet of een aanvraag via de subsidieroute geld krijgt toegekend. Voor de departementale route worden de financiële middelen aan departementen beschikbaar gesteld via de begrotingswet. Hiervoor dient alsnog een subsidieaanvraag te worden ingediend, met daarin het activiteitenplan en de begroting meer in detail uitgewerkt.”

Hoe worden de voorstellen binnen deze routes beoordeeld?
Anne: “De voorstellen die zijn ingediend, worden beoordeeld en gerangschikt op basis van de informatie die is meegeleverd. Omdat de subsidieroute een tender is, zijn na de indiening geen aanpassingen meer mogelijk. Bij de departementale route mogen projecten in overleg met de commissie nog worden aangepast. Deze projecten kunnen een (voorwaardelijke) toekenning of reservering krijgen. Bij een reservering vraagt de commissie om een betere onderbouwing van het voorstel. Zodra ze deze heeft ontvangen, brengt de commissie opnieuw advies uit aan het kabinet.”

Geen gemakkelijke opgave, zo’n aanvraag!
Celine: “Welke route je ook kiest, het is goed om te beseffen dat het indienen van een aanvraag voor het groeifonds een behoorlijke investering kan zijn. Zowel in tijd als in geld. Je moet een gedegen plan ontwikkelen en dat ook nog eens op een overtuigende manier presenteren. Dat is niet altijd even makkelijk.”

Anne: “Als het lukt, biedt het groeifonds mooie kansen om een verschil te maken en bij te dragen aan de economische ontwikkeling van Nederland.”

En wat als de aanvraag niet wordt gehonoreerd? Kan je het dan nóg eens indienen?
Celine: “Als er een volgende ronde is, kun je het project opnieuw in te dienen. Net als bij alle andere programma’s, calls en mogelijke financieringsmechanismen die er zijn, adviseren wij een klant altijd om dat te laten afhangen van de feedback die je krijgt. Soms is die feedback bruikbaar en makkelijk door te voeren. Maar als je project gefileerd wordt, is de kans klein dat het later wel gehonoreerd kan worden. Is het ook mogelijk om een aanvraag ergens anders in te dienen?”

Anne: “Er is geen ander financieringsinstrument dan het NGF waar je het project in zijn geheel kan indienen. Een optie is om je project op te knippen en op meerdere plekken subsidie aan te vragen. Er is dan wel een kans dat je een deel wel gerealiseerd krijgt en een deel niet. Vraag je dus af of je met de financiering van één onderdeel ook voldoende hebt om er iets zinnigs mee te kunnen doen.”

Hebben jullie een geheim recept voor een succesvolle aanvraag?
Celine:” Een Nationaal Groeifonds aanvraag is en blijft maatwerk. Het proces is als een recept voor een heerlijk gerecht: het vereist precisie, aandacht en de juiste ingrediënten om tot een succesvol resultaat te komen. Helaas bestaat er geen magisch recept dat altijd werkt, omdat elke aanvraag unieke uitdagingen kent. Door lessen die we hebben geleerd toe te passen op toekomstige trajecten, kunnen we de ingrediënten beter afwegen en de smaken perfect afstemmen. Zo kunnen we eventuele obstakels vroegtijdig herkennen en overwinnen!”

Contact

Wilt u meer weten over het succesvol indienen van een aanvraag bij het Nationaal Groeifonds? Leer van de ervaringen van ERAC-adviseurs Celine en Anne en vergroot uw kansen op financiering. Neem contact met hen op via info@erac.nl of 073- 700 0340.

Meer artikelen

Actueel

Optimaliseer uw subsidieverantwoording en bescherm het imago van uw organisatie

Voorkom problemen met subsidieverantwoording en zorg voor een vlekkeloos traject, Adviseur Sharon Struijcken geeft tips.
Actueel

ERAC kondigt directiewissel aan met William van den Bungelaar aan het roer

5 februari 2024, ERAC kondigt directiewissel aan. Huub Smulders, algemeen directeur, draagt het stokje over aan William van den Bungelaar.
Actueel

STEP-initiatief, een volgende stap om Europa’s strategische autonomie te versterken.

Adviseur Steven Berens licht toe hoe dit initiatief niet alleen invloed heeft op de koers van Europa's technologische positie, maar…