Blog
Business ecosysteem
23 februari 2026

Hoe veiligheid en weerbaarheid het regionale innovatiebeleid veranderen

Veiligheid en weerbaarheid zijn geen losstaand defensiethema meer. Ze schuiven steeds nadrukkelijker door naar het hart van het Europese innovatiebeleid. Dat heeft directe gevolgen voor regio’s, waar technologie wordt ontwikkeld, getest en toegepast.

In dit artikel verkent Pieter Liebregts wat deze verschuiving betekent voor het innovatiebeleid in Nederland en voor de manier waarop regio’s zich binnen Europa positioneren. Innovatie vormt daarbij het vertrekpunt.

pieter liebregts

Pieter Liebregts
Senior adviseur

Europese afhankelijkheid als strategisch vraagstuk

De aandacht voor veiligheid en weerbaarheid komt niet uit het niets. Europa is in hoge mate afhankelijk van externe leveranciers op cruciale technologiegebieden. Dat raakt defensie, digitale infrastructuur, energievoorziening en industriële productie tegelijk.

De Europese Commissie wil haar strategische autonomie vergroten en heeft uitgesproken dat zij ernaar streeft om tegen 2035 60 procent van de defensie-uitgaven binnen Europa te besteden. Tegelijkertijd schat het International Institute for Strategic Studies (IISS) dat tussen februari 2022 en september 2024, 48 procent van de Europese defensie-inkoop afkomstig was van buitenlandse leveranciers, waarvan 34 procent uit de Verenigde Staten.[1]

Onder normale omstandigheden zou een verschuiving van deze omvang jaren duren. De huidige geopolitieke context heeft dit proces versneld. In meerdere lidstaten wordt inmiddels openlijk gesproken over het heroverwegen van Amerikaanse inkoop en over het binnen Europa besteden van toekomstige defensie-uitgaven.

[1] https://atradius.nl/kennisbank/news/zullen-voorgenomen-defensie-uitgaven-de-europese-economie-stimuleren

Het Meerjarig Financieel Kader zet technologie centraal

Deze versnelling zien we terug in de Europese begroting. Via het Meerjarig Financieel Kader zet de Europese Unie nadrukkelijk in op investeringen in kritieke technologieën en infrastructuren. Cyberveiligheid, digitale systemen en sleuteltechnologieën zoals kunstmatige intelligentie en kwantumtechnologie krijgen daarbij prioriteit. In de nieuwe begroting zijn hiervoor miljarden euro’s gereserveerd.

Innovatiebeleid krijgt daarmee een andere functie. Het gaat steeds vaker over welke technologieën beschikbaar blijven, wie erover beschikt en of ze op schaal kunnen worden toegepast. Wat in de Verenigde Staten al decennia gebruikelijk is, krijgt nu ook in Europa structureel vorm.

Het rapport van Draghi heeft deze koers verder aangescherpt. De kernboodschap is helder. Europa kan zijn economische en technologische positie alleen behouden door meer te investeren in eigen innovatiekracht en door de afhankelijkheid van de Verenigde Staten en China te verkleinen Dat vertaalt zich naar gerichte keuzes in technologie en intensievere samenwerking over grenzen heen.

Dual use technologie maakt investeren logisch

Binnen deze ontwikkeling speelt dual use technologie een zichtbare rol in investeringskeuzes. Veel technologieën die bijdragen aan veiligheid en weerbaarheid hebben ook civiele toepassingen. Kunstmatige intelligentie, sensoren en onbemande systemen zijn relevant voor defensie, maar net zo goed voor logistiek, energie, mobiliteit en industriële processen.

Juist die overlap maakt investeren aantrekkelijk. Technologieontwikkeling levert niet alleen veiligheidswinst op, maar versterkt ook economische en maatschappelijke toepassingen. Dual use is daarmee geen abstract begrip, maar een praktisch uitgangspunt binnen het Europese innovatiebeleid.

Sinds het rapport van Draghi is deze gedachte explicieter onderdeel geworden van beleidskeuzes. Investeren in eigen technologische capaciteit draagt tegelijk bij aan economische weerbaarheid, strategische autonomie en maatschappelijke waarde.

Regionale ecosystemen laten zien hoe dit werkt

Deze strategie krijgt vorm in regionale ecosystemen.Daar werken bedrijven, kennisinstellingen en overheden samen aan technologie die schaalbaar en toepasbaar is binnen Europese waardeketens.

Brainport Eindhoven is daarvan een duidelijk voorbeeld. De regio richt zich op hightech systemen en sleuteltechnologieën en liet in 2025 een groei van vijftien procent in hightechbanen zien. Daarnaast werd circa 1,2 miljard euro geïnvesteerd in onderzoek en ontwikkeling, onder meer in slimme mobiliteit en geavanceerde productie. In de regio zijn meerdere sleuteltechnologieën aanwezig die geschikt zijn voor verdere doorontwikkeling binnen Europese programma’s.

Ook de Rotterdamse haven laat zien hoe veiligheid en innovatie samenkomen. Als centrale logistieke hub investeerde de haven in 2025 in geavanceerde beveiligingssystemen, wat leidde tot een afname van twintig procent in veiligheidsincidenten. Tegelijkertijd werd in samenwerking met publieke en private partners gewerkt aan innovatieve oplossingen, wat resulteerde in een toename van tien procent in de efficiëntie van de logistieke keten.

In Noord-Nederland ligt de nadruk op duurzame energiesystemen. De regio realiseerde in 2025 een groei van vijfentwintig procent in de productie van wind- en zonne-energie. Daarmee nam de afhankelijkheid van fossiele brandstoffen met dertig procent af, wat direct bijdraagt aan strategische weerbaarheid.

Deze praktijkvoorbeelden laten zien hoe veiligheid en weerbaarheid steeds vaker onderdeel worden van regionale innovatieagenda’s.

Nederlandse beleidskaders en regionale keuzes

Deze regionale ontwikkelingen sluiten aan bij de Nederlandse nationale technologiestrategie, die sterk leunt op de Europese koers. Het rapport Wennink benadrukt het belang van gerichte investeringen in technologische infrastructuur en intensieve publiek-private samenwerking.

Tegelijkertijd vraagt deze agenda om duidelijke keuzes. Beleidskaders worden landelijk vastgesteld, terwijl innovatie en toepassing regionaal plaatsvinden. Regio’s spelen daarmee een belangrijke rol in het verbinden van nationale ambities aan Europese programma’s en investeringsstromen.

Waar veiligheid en weerbaarheid expliciet worden meegenomen in regionale strategieën, ontstaat betere aansluiting bij Europese samenwerkingen. Waar dat niet gebeurt, blijven kansen versnipperd en wordt de internationale positionering kwetsbaarder.

Deze lijn zien we ook terug in de defensieaanpak van het ministerie, waarin regionale innovatiecentra worden opgezet. In deze centra werken kennisinstellingen, bedrijven, overheid en start-ups samen aan versnelling van innovatie. Het platform Defport ondersteunt deze samenwerking door partijen te verbinden en de stap van idee naar toepassing te verkorten.

Waar beleid concreet wordt

De koppeling tussen veiligheid, weerbaarheid en innovatie krijgt pas betekenis wanneer die wordt vertaald naar concrete keuzes. In technologie, in samenwerkingen en in investeringsrichtingen. Zolang die keuzes uitblijven, blijven Europese ambities abstract.

Regionale ecosystemen vormen het niveau waarop dit samenkomt. Hier wordt bepaald welke innovaties worden doorontwikkeld, met wie wordt samengewerkt en hoe aansluiting ontstaat bij Europese waardeketens. Dat maakt regionale keuzes steeds relevanter voor Europese positionering.

Conclusie

Veiligheid en weerbaarheid zijn uitgegroeid tot vaste randvoorwaarden binnen het Europese innovatiebeleid. Voor regionale ecosystemen betekent dit dat keuzes nodig zijn in technologie, samenwerking en positionering binnen Europa.

De cijfers laten zien hoe groot de afhankelijkheden nog zijn. Tegelijk laten praktijkvoorbeelden zien dat regio’s die hier actief op inzetten hun positie versterken. Daarmee wordt innovatie, georganiseerd in regionale ecosystemen, bepalend voor de toekomstige weerbaarheid en autonomie van Europa.

Verder praten?

Neem contact met mij op!

pieter liebregts

Senior adviseur
Pieter Liebregts

+316 53 288 657
pieterliebregts@erac.nl

    voorwaarden