Pagina
Subsidies
25 november 2025

Kennis & Netwerk Event Nationaal Groeifonds 2025

Op 19 november kwamen experts en programmamanagers opnieuw samen in Utrecht voor het jaarlijkse NGF-event van ERAC. Een middag vol inhoud, reflectie en gesprekken over waar we nu staan met het Nationaal Groeifonds en waar we naartoe bewegen. Het ging over valorisatie, het meten van impact en de lange lijnen richting het nieuwe Europese Meerjarig Financieel Kader. Een combinatie die precies laat zien waar NGF-programma’s de komende jaren tegenaan lopen en welke keuzes daarbij belangrijk zijn.

Valorisatie en economisch verdienvermogen

In de paneldiscussie met Geerd Kakes, Joost Janssen en Linda van de Burgwal stond één vraag centraal. Hoe krijgen we de veelbelovende innovaties ook echt de economie in. Op papier klinkt het logisch dat programma’s bijdragen aan duurzaam verdienvermogen. In de praktijk vraagt dit meer dan een sterke aanvraag. U moet onderbouwen welke economische, maatschappelijke en duurzame effecten u verwacht en u moet kunnen laten zien wat er gebeurt zodra uw programma draait. De impact pathways die daarin een rol spelen, werden vaak genoemd. Ze helpen om aannames scherp te krijgen en ze maken zichtbaar waar de echte meerwaarde ontstaat.

Tegelijkertijd leeft er een duidelijke zorg. Tussentijdse evaluaties vragen om data die er niet altijd is. De zaal herkende dat dit tijd kost, dat definities niet overal gelijk zijn en dat privacy en interoperabiliteit in de weg kunnen zitten. Dat maakt samenwerking nog belangrijker, want uiteindelijk moeten we het allemaal kunnen uitleggen aan dezelfde commissie.

Evaluatie, KPI’s en SDG-indicatoren

Saskia Langbroek en Celine van Soest gingen verder waar het panel ophield. Hoe vertaalt u programmadoelen naar indicatoren die wél iets zeggen. En hoe voorkomt u dat het meetproces een doel op zichzelf wordt. Een Theory of Change helpt daarbij, net als het onderscheid tussen economische, duurzame en sociale effecten.

Het NGF kijkt steeds nadrukkelijker naar die brede impact. Het gaat dus niet alleen over omzetgroei, export en productiviteit, maar ook over CO₂-reductie, circulaire innovaties, gezondheid, onderwijs en inclusie.

De koppeling met de Sustainable Development Goals werd door veel deelnemers als verhelderend ervaren. SDG’s bieden herkenbare kaders, een gedeelde taal en concrete indicatoren. Denk aan aantallen patenten, CO₂-uitstoot, toegang tot duurzame energie of vergroening van bedrijventerreinen. Het voorbeeld van de SDG-dashboards liet goed zien hoe programma’s hun eigen targets, meetmethoden en status kunnen vastleggen en vergelijken. Daarmee wordt evalueren minder een last en meer een stuurinstrument.

In verschillende oefeningen deelden deelnemers welke SDG’s het beste bij hun programma passen. De meest genoemde waren die over industrie en innovatie, eerlijk werk en economische groei en partnerschap om doelen te bereiken. Dat past bij de aard van NGF-programma’s en laat ook zien waar de gezamenlijke koers ligt.

Het Meerjarig Financieel Kader 2028–2034

Steven Berens nam de zaal daarna mee naar Brussel. Daar liggen inmiddels de voorstellen voor het nieuwe MFK. De Commissie wil dat iedere euro meer impact heeft, dat programma’s flexibeler worden en dat er meer focus komt op prioriteiten als veiligheid, digitalisering, duurzaamheid en innovatie. Die koers is duidelijk beïnvloed door het rapport van Mario Draghi, de geopolitieke onzekerheid en de lessen van de Herstel en Veerkrachtfaciliteit.

Toch is nog lang niet alles zeker. De onderhandelingen tussen de Raad en het Europees Parlement lopen nog en ook in Nederland moeten keuzes worden gemaakt over de governance en de inrichting van de decentrale programma’s. Zeker is wel dat er forse middelen gaan naar onder meer digitale technologieën, biotechnologie, defensie, klimaat en de industrie van de toekomst. En dat biedt kansen voor NGF-programma’s die willen aansluiten op Europese trajecten zoals Horizon Europe, het European Competitiveness Fund en de vele Multi Country Projects.

Steven liet zien hoe u overzicht krijgt via onder meer de Regional Innovation Valleys map, de S3 Community of Practice en indexes die innovatiekracht en ecosystemen inzichtelijk maken. Ook de ERAC Monitor werd genoemd als hulpmiddel om ontwikkelingen en complementariteit in kaart te brengen.

Wat dit alles betekent

De rode draad van de middag was helder. NGF-programma’s kunnen veel bereiken, maar de lat ligt hoog. Valorisatie vraagt om sterke samenwerking, tussentijdse evaluaties vragen om goed doordachte indicatoren en de Europese context vraagt om meebewegen met grote prioriteiten als digitalisering, duurzaamheid en economische veiligheid.

Programma’s die hun impact goed onderbouwen en van meetbaarheid een voordeel maken, staan sterker bij evaluaties en bij toekomstige financiering.

Tot slot

De gesprekken tijdens de borrel lieten zien dat er veel energie zit in het verder professionaliseren van evaluaties en het beter koppelen van nationale en Europese instrumenten. Veel deelnemers gaven aan dat zij hiermee verder willen, maar nog zoeken naar een praktische aanpak die past bij hun programma.

Heeft u naar aanleiding van deze middag vragen of wilt u verder praten over evaluaties, KPI’s, SDG-dashboards of kansen in EU-programma’s, dan denken we graag met u mee.

pieter liebregts
Versterk uw programma
met onze inzichten.