Europa bundelt krachten in het ECF
De aanbeveling om meer te investeren in technologie en innovatie is afkomstig uit de adviserende rapporten van Mario Draghi en Enrico Letta. Voor de Europese Unie (EU) is dit mede de aanleiding geweest om in het aankomende Meerjarig Financieel Kader (MFK) te onderzoeken hoe Europese subsidies doelgerichter kunnen bijdragen aan de strategische concurrentiekracht. In het nieuwe MFK, dat in 2028 ingaat, worden de krachten uit bestaande fondsen gebundeld in een centraler aangestuurd en samenhangend programma.
In totaal worden twaalf fondsen uit de huidige programmaperiode samengevoegd in één ECF. Door deze centrale sturing dienen de regio’s in Europa zich anders positioneren om aanspraak te maken op financiering uit het ECF. Regio’s doen er goed aan om nu al te bepalen welke pijlers van het fonds aansluiten bij hun sterke punten en ambities. Wie te laat begint, loopt het risico om achterop te raken.
Een onderscheidende positie ten opzichte van andere regio’s
De belangrijkste uitdaging ligt in het ontwikkelen van een overtuigende positie ten opzichte van andere Europese regio’s. In het huidige financieringslandschap zijn veel Europese middelen beschikbaar via afzonderlijke programma’s met uiteenlopende doelstellingen. Binnen het ECF ligt de nadruk sterker op investeringen in sectoren die aantoonbaar bijdragen aan de strategische concurrentiekracht van Europa. Regio’s moeten laten zien waar zij goed in zijn én waarom juist hun ecosystemen bijdragen aan Europese ambities op het gebied van technologie, innovatie en strategische autonomie.
Bestaande economische en innovatieve krachten van een regio
Voor een scherpe positionering is inzicht nodig in de huidige economische en innovatieve kracht van een regio. Daarbij gaat het zowel om bestaande sterktes als om kansen om verder te bouwen aan bestaande structuren, expertise en netwerken. Inzicht in een duidelijk comparatief voordeel, bijvoorbeeld een sterke positie in halfgeleiders, fotonica of kwantumtechnologie, kan direct aansluiten op diverse prioriteiten binnen het ECF.
Kijk daarbij niet alleen naar afzonderlijke projecten, maar vooral naar de regionale ecosystemen waaruit deze projecten voortkomen. Het concurrentievermogen van regio’s wordt immers bepaald door de kracht en het succes van clusters, waardeketens en samenwerkingsverbanden. Regio’s met een sterke concentratie van kennis, ondernemerschap en innovatievermogen hebben een grotere kans aan te sluiten binnen het ECF en om Europese investeringen aan te trekken.
Breng de absorptiecapaciteit in beeld
Een tweede aandachtspunt is de absortiecapaciteit: het vermogen van een regio om Europese middelen daadwerkelijk aan te trekken. Historische deelname aan Europese programma’s geeft inzicht in welke thema’s al een sterke positie kennen en waar groeimogelijkheden en kansen liggen. Door deze prestaties te vergelijken met die van vergelijkbare regio’s in Nederland en Europa, wordt het zichtbaar op welke onderwerpen een regio relatief sterk of juist ondervertegenwoordigd is. Inzicht in het comparatieve voordeel kan helpen inzicht te krijgen in hun absorptiecapaciteit.
Verder dan regionale en nationale grenzen
Samenwerking tussen regio’s wordt belangrijker dan ooit. Veel technologische en maatschappelijke opgaven waarop het ECF zich richt, gaan verder dan regionale en nationale grenzen. Het vermogen om verbindingen te leggen met complementaire regio’s wordt daarom een belangrijke succesfactor. Regio’s die vroegtijdig inzicht hebben in hun natuurlijke partners binnen Europa, kunnen gerichter werken aan coalitievorming en gezamenlijke lobbyactiviteiten. De positionering ten opzichte van het ECF betekent dus ook het herkennen welke rol een regio kan vervullen binnen bredere Europese waardeketens en innovatienetwerken.
Van uitgangspositie naar ECF-strategie
De eerste belangrijke stap naar een succesvolle ECF-strategie is het bepalen van de uitgangspositie. Wanneer helder is waar een regio en de bedrijven vandaag de dag staan, welke sterke punten zij hebben en welke partners hun positie kunnen versterken, kan gericht worden gewerkt aan een strategie die aansluit bij de investeringsprioriteiten van het aankomende ECF. Regio’s die hun positie nu bepalen, vergroten de kans om straks aan tafel te zitten wanneer de middelen worden verdeeld.
ERAC ondersteunt regio’s en organisaties bij het versterken van hun regionale positionering. Met expertise in het ontwikkelen, beheren én versterken van business ecosystemen helpen wij bedrijven en regio’s om hun potentieel beter te benutten met subsidies en samenwerking. Onze ervaring met Nederlandse ontwikkelprogramma’s, zoals het Nationaal Groeifonds, helpt om financiële kansen binnen Nederland scherp in beeld te brengen. Met het analyseren met de Strategische MFK Kansenkaart krijgen we inzicht waar de nieuwe Europese begroting kansen biedt voor financiering, samenwerking en strategische partnerschappen. Benieuwd waar de kansen van uw regio of organisatie liggen? Neem contact met ons op.

