Vierde oproep EUI biedt extra kansen voor kleinere en middelgrote gemeenten
De vierde oproep van het European Urban Initiative (EUI) – Innovative Actions is gepubliceerd. Deze call verruimt de mogelijkheden voor middelgrote en kleinere gemeenten om te experimenteren met vernieuwende oplossingen binnen hun eigen context.
In dit artikel lichten Sabine Zwaans en Marijn van Zanten toe wat deze oproep onderscheidt van eerdere rondes en waar bij een aanvraag extra aandacht nodig is
Wat maakt deze call anders dan voorgaande calls?
De vierde oproep wijkt op meerdere punten af van eerdere rondes.
- Innovatie mag nieuw zijn in de Europese óf in de lokale context.
- De maximale subsidie bedraagt € 2 miljoen, tot 80 procent van de projectbegroting. Daarmee zijn projecten kleinschaliger dan in eerdere openstellingen.
- Kleine en middelgrote gemeenten vanaf 25.000 inwoners kunnen profiteren van een bonuspuntensysteem.
- Ook gemeenten in transitie- of minder ontwikkelde regio’s komen in aanmerking voor extra punten.
- De call is breed opengesteld binnen zes thema’s:
- Competitiveness, digitalisation, innovation and investment
- Social inclusion and equality
- Security, safety and preparedness
- Affordable, sustainable, decent-quality and inclusive housing and buildings
- Climate action, environment and clean energy
- Mobility
Door deze brede opzet kunnen projecten aansluiten bij uiteenlopende stedelijke opgaven, zoals netcongestie, klimaatadaptatie, digitalisering en huisvesting.
Lokale en Europese innovaties
Binnen deze openstelling is ruimte voor innovaties zoals in eerdere calls, namelijk oplossingen die volledig nieuw zijn in Europa. Daarnaast kunnen ook innovaties worden ingediend die vernieuwend zijn binnen de eigen stad.
Innovatie kan technologisch van aard zijn, maar ook betrekking hebben op diensten, producten of processen. De oplossing hoeft dus geen Europese noviteit te zijn, zolang zij binnen de lokale context nog geen toepassing heeft gekend.
Wanneer een voorstel inzet op een lokale innovatie, moet overtuigend worden aangetoond dat de oplossing gericht is op een concrete, place-based uitdaging en tot stand komt in samenwerking met relevante lokale partners. Daarnaast moet helder worden gemaakt hoe de aanpak leidt tot een aantoonbare verbetering van bestaande praktijken en bij succesvolle uitvoering structureel doorwerkt in de stad.
Tegelijk blijft ruimte bestaan voor het eerdere type EUI-innovatieprojecten.
Bonuspunten voor kleinere en minder ervaren gemeenten
Met deze openstelling wil EUI meer gemeenten aantrekken die beperkte ervaring hebben met EU-projecten en met innovatie, maar wel de ambitie hebben om te experimenteren met vernieuwende oplossingen. Daarom zijn er twee categorieën gemeenten die in aanmerking komen voor bonuspunten:
- Kleine gemeenten kunnen een bonus van 5 procent van de maximale score ontvangen. Voorwaarde is dat de stad minder dan 50.000 inwoners telt.
- Gemeenten in een transitiegebied of minder ontwikkelde regio, waaronder Friesland, Drenthe en Flevoland, kunnen eveneens 5 procent extra ontvangen.
Deze systematiek vergroot de kansen voor kleinere gemeenten en voor gemeenten in regio’s waar Europese deelname minder vanzelfsprekend is. De gedachte hierachter is dat deze categorieën vaak minder ervaring hebben met het ontwikkelen van EU-aanvragen.
EUI blijft tegelijkertijd strenge eisen stellen aan voorstellen en de concurrentie is aanzienlijk. Ook gemeenten die niet in aanmerking komen voor bonuspunten kunnen indienen. Juist in deze openstelling is het belangrijk om te komen tot een onderscheidend voorstel met een duidelijke mate van innovatie, op Europees of lokaal niveau.
Seal of Excellence
Projecten die inhoudelijk voldoen aan de kwaliteitseisen van de call 4, maar geen subsidie ontvangen vanwege budgetuitputting, kunnen een Seal of Excellence krijgen van de Europese Commissie.
Dit is een officieel kwaliteitslabel. Het betekent dat het voorstel de inhoudelijke beoordelingsronde succesvol heeft doorlopen en op alle onderdelen minimaal 3 van de 5 punten heeft behaald.
De Seal of Excellence biedt geen automatische financiering, maar fungeert als erkenning van kwaliteit. Gemeenten kunnen dit label gebruiken richting andere financiers, bijvoorbeeld nationale of regionale fondsen, als bewijs dat het project op Europees niveau positief is beoordeeld.
Wat maakt een project sterk?
EUI zoekt sterke projecten met een hoge mate van innovatie. Daarbij spelen partnerschap en uitvoerbaarheid een belangrijke rol in de beoordeling.
Sterk partnerschap
Een sterk project beschikt over de juiste partners. Dat betekent dat relevante lokale partijen actief betrokken zijn en daadwerkelijk samenwerken binnen het project. De stad vervult een trekkende rol en toont eigenaarschap. Zogeheten delivery partners leveren een inhoudelijke bijdrage aan het ontwerp en de uitvoering van de oplossing.
Daarnaast hecht EUI waarde aan betrokkenheid van stakeholders en een participatieve aanpak met het lokale maatschappelijk middenveld.
Uitvoerbaar op korte termijn
Het project moet uitvoerbaar zijn binnen een implementatieperiode van 24 maanden, voorafgegaan door drie maanden voorbereiding. Het project moet dus binnen een relatief korte periode doorlopen worden met aantoonbare resultaten.
Overweegt u deelname?
Deze oproep biedt ruimte voor gemeenten die willen experimenteren met vernieuwende oplossingen binnen hun eigen context.
Wij ondersteunen gemeenten bij het toetsen van hun projectidee, het aanscherpen van de innovatiegraad en het structureren van een sterke aanvraag.
Wilt u verkennen of uw initiatief aansluit bij deze call? Neem contact met ons op voor een inhoudelijke intake.
