Vooruitkijken naar ESF+ in het nieuwe MFK
De afgelopen maanden deelden we al vaker dat Europa werkt aan een nieuw Meerjarig Financieel Kader (MFK). Waar die gesprekken vaak gingen over brede verschuivingen in EU-financiering, raakt deze verandering één fonds dat in Nederland dagelijks verschil maakt voor mensen: ESF+.
Wat nu nog een zelfstandig programma is, wordt straks één onderdeel van een nationaal totaalpakket. Dat klinkt technisch, maar het heeft grote gevolgen voor hoe sociaal beleid wordt gekozen, uitgevoerd en gefinancierd. Wie niet vroeg meedenkt, kan straks pas aansluiten nadat de keuzes al zijn gemaakt. Adviseurs Jordy van Homelen en Jop Ruijs schreven er dit blog over.
Wat de verschuiving betekent voor sociaal beleid in Nederland
Europa werkt aan een nieuw meerjarenbudget voor 2028 tot 2034. Dat budget bepaalt waar middelen terechtkomen, met welke voorwaarden en hoeveel ruimte lidstaten krijgen om keuzes zelf te maken. ESF+ blijft bestaan, maar niet in dezelfde vorm als nu. De manier waarop sociaal beleid in Nederland wordt gemaakt en uitgevoerd zal daardoor merkbaar veranderen.
ESF+ staat straks niet meer op zichzelf
Een aparte ESF+-regeling met eigen prioriteiten en eigen uitvoeringsketen lijkt straks verleden tijd. In het nieuwe MFK wordt ESF+ opgenomen in één Nationaal en Regionaal Partnerschapsplan (NRPP). Dat plan omvat meerdere domeinen tegelijk, zoals sociaal beleid, onderwijs, regionale ontwikkeling en landbouw. Kort gezegd is ESF+ straks geen losse pot geld meer, maar één onderdeel van een groter geheel.
Hierdoor verschuift de vraag van welk fonds past bij dit vraagstuk naar welke plek sociaal beleid krijgt binnen het geheel. Wordt sociaal beleid niet stevig ingebracht aan de voorkant, dan bestaat het risico dat het opgaat in bredere economische doelstellingen waarin arbeidsmarkt en sociale inclusie slechts een middel zijn. Het vraagt dus om een duidelijke positionering.
Sociale doelen zijn beschermd, maar niet vanzelfsprekend leidend
Europa heeft voorgesteld dat minimaal 14 procent van het nationale plan moet gaan naar sociale doelen zoals sociale inclusie, scholing en vaardigheden en armoedebestrijding. Daarmee kan sociaal beleid niet zomaar verdwijnen. Maar waar het geld vervolgens terechtkomt, wordt vooral een nationale keuze.
Dat betekent in de praktijk dat landelijke thema’s, zoals jeugd en schulden, integratie van statushouders of duurzame inzetbaarheid, voorrang kunnen krijgen op regionale prioriteiten. De partijen die ESF+ nu vooral dragen, zoals arbeidsmarktregio’s en gemeenten, blijven formeel betrokken, maar hun invloed hangt af van wanneer zij worden meegenomen. Als dat pas gebeurt nadat afspraken al zijn gemaakt, ontstaat er een kloof tussen beleid en uitvoering.
De inhoud blijft, de onderbouwing verandert
De kern van ESF+ verandert niet: het blijft draaien om werkgelegenheid, vaardigheden en meedoen in de samenleving. Wat verandert, is dat organisaties straks sterker moeten aantonen waarom juist hún interventie nodig is en wat het oplevert in bredere maatschappelijke opgaven, zoals personeelstekorten, economische transities of het versterken van regio’s.
Het gaat dus niet alleen om aantallen, maar ook om aannames, effecten en samenhang met andere publieke investeringen.
Minder papierwerk, meer focus op resultaat
Europa wil af van bonnetjes en ingewikkelde declaraties. Resultaatfinanciering en vaste bedragen per deelnemer krijgen naar verwachting een grotere rol. Nederland heeft hier al deels ervaring mee in binnen SCO- casemanagement. Dat maakt projecten overzichtelijker en kan administratie verlichten.
Tegelijk valt de subsidievergoeding vaak lager uit omdat kwetsbare doelgroepen veel tijd en aandacht nodig hebben. Ook vraagt het om systemen die klaar zijn voor monitoring op inhoudelijke indicatoren. Dat vraagt tijdige voorbereiding en duidelijke keuzes.
Resultaatgericht werken is lastig bij kwetsbare doelgroepen
Vooruitgang verloopt bij veel deelnemers langzaam, in kleine stappen en met terugval. Daarom is resultaatsturing niet vanzelfsprekend eenvoudig.
Een voorbeeld
Een arbeidsmarktregio organiseert een traject voor statushouders die al jaren geen onderwijs hebben gevolgd. De eerste stap is taal en basisvaardigheden. Pas daarna ontstaat ruimte voor stage, scholing en werk.
Wanneer financiering alleen uitkeert bij duurzame plaatsing binnen twaalf maanden, ontstaat een prikkel om deelnemers te selecteren die al bijna werk-klaar zijn. Juist de doelgroep die ESF+ bedoeld heeft te bereiken, raakt dan sneller buiten beeld. Dat is het risico wanneer resultaten te scherp worden gedefinieerd.
De uitdaging is resultaten serieus nemen en tegelijkertijd ruimte laten voor trajecten die meer tijd vragen.
Wat dit vooruitkijkend betekent voor Nederland
De onderhandelingen in Brussel lopen nog en verschillen tussen lidstaten zijn groot. In Nederland zien we nu drie bewegingen ontstaan:
-
- Arbeidsmarktregio’s hebben hun gezamenlijk stem laten horen richting rijk om ESF+ een duidelijke plek te geven
- Gemeenten en uitvoerders onderzoeken welke doelgroepkeuzes logisch zijn wanneer middelen selectiever worden ingezet
- Rijk en regio kijken naar vereenvoudiging van beheer, aansluiting bij bestaande systemen en het versterken van monitoring met inhoudelijke indicatoren
Daarmee wordt straks bepaald of ESF+ vooral een aanvullend instrument blijft, of onderdeel wordt van een integraal meerjarig pakket voor arbeidsmarkt en brede welvaart.
Uiteindelijk gaat het om mensen
ESF+ draait niet om cijfers alleen. Het fonds draait om mensen die ondersteuning nodig hebben om volwaardig mee te doen op de arbeidsmarkt en in de samenleving. De vraag die nu op tafel ligt is eenvoudig maar essentieel. Hoe zorgen we dat sociaal beleid straks niet alleen op papier staat, maar ook in de praktijk voelbaar is?
Wat u nu al kunt doen
• kies één sociaal vraagstuk dat u als eerste wilt verdedigen binnen nationale keuzes
• breng partners vroeg aan tafel
• ontwikkel indicatoren die passen bij uw doelgroep en niet alleen bij politieke druk
• onderzoek wat vereenvoudigde financiering betekent voor uw administratie, systemen en businesscase
• maak het concreet met voorbeelden uit uw praktijk. Dat overtuigt meer dan een abstract argument
Verder praten of meekijken
Wij denken graag mee over wat deze verschuiving in het MFK betekent voor uw organisatie of regio en hoe u zich tijdig kunt voorbereiden. Neem contact met ons op voor een eerste gesprek.

