Actueel

Zijn subsidies wel rendabel voor Nederland?

De Algemene Rekenkamer vraagt zich af of de besteding van Europese subsidies Nederland wel voldoende vooruithelpt. Geen van onze collega’s twijfelt hier over. Subsidieregelingen zijn krachtige instrumenten waarmee de meest fantastische, innovatieve en duurzame ontwikkelingen worden gestimuleerd. Deze mening is niet gebaseerd op ervaring of gevoel, maar op data. Het ERAC monitoringsysteem toont namelijk overduidelijk de toegevoegde waarde van Europa aan. Robert Smeets legt u in dit blog hier meer over uit.

Data is leidend

ERAC heeft een monitoringsysteem ontwikkeld waarin precies wordt bijgehouden waar en bij wie in Nederland de Europese subsidie terechtkomt. In dit monitoringsysteem wordt ook de inhoudelijke categorisering bijgehouden van de projecten. Op die manier monitoren wij hoe de verschillende projecten bijdragen aan Nederlandse bestuurlijke thema’s en aan het nationaal topsectoren beleid.

Hiernaast wordt bijgehouden hoe de projecten raken aan Europese beleidsthema’s (Grand Societal Challenges en Flagships). Er mag tenslotte niet vergeten worden dat de primaire doelstelling van de Europese subsidieprogramma’s is om een bijdrage te leveren aan Europese beleidsdoelstellingen en niet aan Nederlandse. Bij het opstellen van de programma’s vormen de Europese doelstellingen daarom de basis. Vanuit deze Europese doelstellingen wordt de koppeling gemaakt met Nederlandse of regionale doelstellingen.

Vanwege deze specifieke koppeling, is het niet vreemd dat de data laat zien dat Europese projecten in Nederland zowel bijdragen aan Europese doelstellingen, maar ook aan nationale en regionale. Niet aan alle nationale en regionale doelstellingen evenveel, maar juist daar waar er overlap is. Onderstaande figuren laten zien hoe de Europese subsidie die ontvangen wordt door Nederlandse organisaties verdeeld is over de bestuurlijke thema’s (figuur 1) en nationale topsectoren (figuur 2).

Figuur 1: Verdeling Europese subsidie naar bestuurlijk thema

Figuur 2: Verdeling Europese subsidie naar topsector

Europees oogpunt is belangrijk

De genoemde bestuurlijke thema’s zijn geformuleerd aan de hand van de gemene delers uit de verschillende provinciale coalitieakkoorden uit 2015. De genoemde topsectoren uit het topsectorenbeleid. Wat direct opvalt is het grote verschil tussen de verschillende categorieën in de top van de lijst en de onderkant. Hieruit blijkt duidelijk dat Europese subsidies bijdragen aan het behalen van Nederlandse doelstellingen, mits er ook sprake is van een bijdrage aan Europese doelstellingen. Europa vindt het bijvoorbeeld belangrijk om te investeren in innovatie, maar voor toerisme is veel minder financiering beschikbaar. Opmerkelijk is dan ook dat er bijna € vijf miljard geïnvesteerd wordt in innovatie, terwijl ‘maar’ € 25 miljoen geïnvesteerd wordt in toerisme. Dat er nog geïnvesteerd wordt in projecten met toeristisch thema, komt omdat de Nederlandse overheden dit belangrijk genoeg vinden om in de Europese programma’s te zetten.

Ditzelfde is te zichtbaar bij de onderverdeling van Europese subsidie naar topsectoren. Te zien is dat is dat topsectoren die Europa belangrijk vindt, zoals Life Sciences, Energie en HTSM, een flinke bijdrage ontvangen uit de Europese programma’s. De topsectoren die minder belangrijk zijn in Europa, zoals creatieve industrie en tuinbouw ontvangen minder. Op basis de data uit ons monitoring-systeem kunnen we dus zeker stellen dat Europa impact heeft in Nederland en een bijdrage levert aan het behalen van Nederlandse beleidsdoelstellingen. Vooral waar overlap is met de Europese beleidsdoelstellingen!

Ontvangen partijen in onze provincie/gemeente zó veel uit Europa?

Verrassende inzichten

De Algemene Rekenkamer stelt in haar rapport ook dat de Nederlandse autoriteiten minder goed zicht hebben op de behaalde resultaten van de verschillende EU-fondsen. Dit komt o.a. door de gebruikte indicatoren. Voor verschillende Nederlandse provincies brengt ERAC via het monitoringsysteem in kaart waar, bij wie en op welke thema’s Europese subsidie wordt verworven. Op die manier krijgen regionale overheden het totaalplaatje van de besteding van Europese subsidie in hun provincie. Ook steeds meer gemeenten maken gebruik van dit systeem. De data geeft ze inzicht en grip op de kansen die er liggen. Het Rijk maakt er overigens (nog) geen gebruik van.

De verschillende provincies begrijpen heel goed hoe Europa bijdraagt aan het behalen van provinciale doelstellingen. Zij zijn overtuigd van het nut en de toegevoegde waarde die Europa heeft. Vaak zien we zelfs dat het niet de nationale subsidies zijn die het verschil maken, maar de Europese subsidies! Dankzij het monitoringsysteem zijn zulke inzichten vanuit data nu zichtbaar. Bij nieuwe klanten krijgen we vaak dezelfde reactie: ‘Ontvangen partijen in onze provincie/gemeente zó veel uit Europa?’

Onze monitoring laat zien dat verschillende Europese programma’s juist het MKB versterken.

Meten is écht weten

Monitoring is essentieel. Hoe cliché ook. Maar meten is weten. Alleen door te meten is de omvangrijke Europese investering in Nederland zichtbaar. Zoals bijvoorbeeld de provincie Limburg, waar is geïnvesteerd in een Smart Services Campus in Heerlen, een Chemie Campus in Sittard-Geleen, een Health Campus in Maastricht en een Greenport Campus in Venlo. Uit de monitoringsanalyse die ERAC tweejaarlijks voor de provincie opstelt komt naar voren dat juist in Heerlen vanuit Europa veel geïnvesteerd wordt in smart services, in Maastricht in Life Sciences & Health, in Sittard-Geleen in chemie en in Venlo in agrofood. Hier levert Europa dus een bijdrage aan projecten op deze campus en is daarmee een katalysator van activiteiten op deze campussen.
Rondom Eindhoven zien we veel investeringen in HTSM, rondom Wageningen in agrofood en in Nijmegen is het Life Sciences dat de boventoon voert. Allemaal onderdelen waar de betreffende regio al sterk in was. Europa maakt deze regio’s nog sterker en draagt zo bij aan regionale ontwikkeling. Dit weten we door onze monitoring. Overheden willen het MKB versterken en zoeken hier de juiste middelen voor. Onze monitoring laat zien dat verschillende Europese programma’s juist het MKB versterken.

De vraag die de Europese Rekenkamer moet stellen is dus niet óf subsidies ons wel voldoende vooruit helpen. De kunst is, om met de vele data die beschikbaar is, bruikbare informatie te ontdekken en die te gebruiken. Op die manier kunnen alle organisaties in Nederland inzicht te krijgen in de hoeveelheid kansen die Europa ons biedt en er optimaal gebruik van maken.

Meer weten?

Stel gerust uw vragen en neem contact op met robertsmeets@erac.nl of via 06 46 28 41 93.

Meer artikelen

Actueel

Klimaatconferentie Sharm-el-Sheikh teleurstellend. En nu?

Tijdens de klimaatconferentie in Sharm-el-Sheikh, werd de oorzaak van de opwarming van de aarde opnieuw niet aangepakt. En nu? Lees…
Actueel

Zijn subsidies wel rendabel voor Nederland?

De Algemene Rekenkamer vraagt zich af of de besteding van Europese subsidies Nederland wel voldoende vooruithelpt. Het ERAC monitoringsysteem toont…
Actueel

Nationaal Groeifonds (NGF): Verdienvermogen betekent meer aandacht voor barrières

In het Nationaal Groeifonds is de maatschappelijke kant in de programma’s van groot belang. Huub Smulders legt uit waarom.